Mesker

De Nederlandse kinderneuroloog Pierre Mesker (1905-1985) heeft zich tijdens zijn leven beziggehouden met de ontwikkeling van de handmotoriek en de daarmee gepaard gaande hemisfeer (=hersenhelft) specialisatie.


Bij het onderzoek dat Mesker deed bij kinderen met lees- en schrijfstoornissen, bleek dat de waarnemende bewegingen van de handen die de wereld onderzoeken (tijdens peuter- en kleuterleeftijd) een grote rol spelen bij het ontstaan van het woord (bij spreken en begrijpen) en tenslotte bij de ontwikkeling van het schrift.


Mesker werkte aanvankelijk op een horizontaal bord maar kwam tot de conclusie dat onderzoek beter in het verticale vlak kon worden gedaan omdat beide handen dan als identiek beleefd worden bij het gelijktijdig bewegen. Zo werd het Bord voor Handmotorische specialiteit ontwikkeld (=BHL).


Mesker ontwikkelde de psychomotorische dominantietest die enerzijds gebruikt kan worden om na te gaan in welk stadium van de cerebrale lateralisatie een kind zich bevindt. Hij stelde 4 stadia voorop:



1)De fase van de slurfmotoriek (0- 2 à 3 jaar)

2)De fase van de symmetrische motoriek ( tot 5 à 6 jaar)

3)De lateralisatiefase ( lagere schoolperiode)

4)De fase van de dominantie (vanaf ongeveer 12 jaar)







Daarnaast kan het bord ook worden gebruikt om het thuisprogramma op te oefenen. Tijdens dit programma worden de verschillende handmotorische stadia doorlopen.


Het doel van de bordbehandeling is om kinderen te helpen die problemen hebben met lezen en schrijven.


Mogelijke indicaties:


->Slechte pengreep

->Traag / moeizaam schrijven

->Spellingsproblemen

->Leesproblemen

->Problemen met tekstbegrip

->Spiegelen van letters/cijfers